Geest-drift

Fluit…

Psalm 71 vers 18: “Ja, ook nu de ouderdom en grijsheid gekomen is - verlaat mij niet, o God, totdat ik deze generatie Uw sterke arm verkondigd heb, alle nakomelingen Uw macht.”

Ik kan niet meer op mijn vingers fluiten! Vroeger kon ik het heel hard, maar nu gaat het niet meer. Mijn vingers vergroeien wat door artrose, ik denk dat het daardoor komt. Naar meisjes fluiten deed ik allang niet meer, maar laatst probeerde ik naar Sophie te fluiten, die ik een eind verderop zag lopen, en… alleen wat gesis en gesputter! Dit euvel betekent wel een deuk in mijn mannelijk imago, maar och, dit fluit-fenomeen valt vandaag de dag waarschijnlijk onder ‘grensoverschrijdend gedrag’, dus het mag toch niet meer.
Laatst schreef ik dat ik vroeger mijn kinderen floot als het eten klaar was. Ik zocht in ‘zoeken HSV’ naar het trefwoord ‘fluit’’ en vond in Jesaja 5 vers 26b: “Van het einde der aarde fluit Hij hen naar Zich toe; en zie, daar komen zij, haastig en snel!”
Dankzij mijn Bijbelkennisheldin Sophie kwam ik aan een Bijbeltekst die hier dieper op ingaat:

1 Thessalonicenzen 4 vers 16-18: “Want de Heere Zelf zal met een geroep, met de stem van een aartsengel en met een bazuin van God neerdalen uit de hemel. En de doden die in Christus zijn, zullen eerst opstaan. Daarna zullen wij, de levenden die overgebleven zijn, samen met hen opgenomen worden in de wolken, naar een ontmoeting met de Heere in de lucht. En zo zullen wij altijd bij de Heere zijn. Zo dan, troost elkaar met deze woorden.”
Hier staat het expliciet beschreven: die Grote Dag! Dan komt Jezus! Onze wijkpredikant zei het zo: als wij sterven gaan we eerst naar een soort wachtkamer. Daar is het al fijn, maar we zijn nog niet in de hemel. Pas op die Grote Dag gaan de doden eerst, nadat hun lichamen opgestaan en weer met hun ziel verenigd zijn, daarna volgen de levenden: naar het nieuw Jeruzalem! Ben ik dan bij de eerste of tweede groep? Och, is dat belangrijk?
Soms denk ik: wacht nog maar even, ik wil nog dit, ik wil nog dat… Hoewel, bij het ouder worden wordt dat minder, want je weet van sommige wensen: dat wordt toch niks meer. Als ik de wereld om me heen beschouw, denk ik steeds vaker: kom maar gauw! Nee, ik ben niet depressief of levensmoe, maar ik ga er toch al een klein beetje naartoe leven, van al je toekomstdromen blijft er uiteindelijk één over: ja, precies, de mooiste!

Waarom duurt het zolang voordat Jezus komt? We wachten eigenlijk al 2000 jaar! Dat zit zo: God probeert nog zoveel mogelijk zieltjes te winnen voordat het zover is, lees maar na in Mattheüs 24 vers 14: “En dit Evangelie van het Koninkrijk zal in heel de wereld gepredikt worden tot een getuigenis voor alle volken; en dan zal het einde komen.” Het is intussen wel zover gekomen dat we het allemaal kúnnen weten, toch?  Dus misschien denkt God vandaag of morgen: het is mooi geweest, het moet er nu maar eens van komen! Vergeet niet: God verlangt er ook naar: dat samenzijn met ons! En dan wordt er geschift…
Klinkt er binnenkort een fluitsignaal? Ik denk dat God forser uit gaat pakken:
“Eens, als de bazuinen klinken,
uit de hoogte, links en rechts,
duizend stemmen ons omringen,
ja en amen wordt gezegd,
rest er niets meer dan te zingen,
Heer, dan is uw pleit beslecht!”

Dorus, alias Tom Manders, zong een jaar of zestig geleden:
Zorrug dat je der bíj komt!